1900 Zorg voor en opvang van Antwerpse dokwerkers
De Aalmoezeniers van de arbeid
eerste   vorige   homepage   volgende   laatste

Eind 19de eeuw zijn de leef- en werkomstandigheden van de Antwerpse dokwerkers erg penibel. Vaak moesten ze na hun zware en late werk nog kilometers met de fiets. Trouwens weet u waarom het Nederlandse plaatsje Sint Willebrord (Rucphen, Noord-Brabant) zo’n grote coureurs leverde? Juist! Ze werkten aan de haven in Rotterdam!

Om de groeiende populatie van Antwerpse havenarbeiders onderdak te geven én om hen tegelijk uit de handen van de socialisten te houden wilden een aantal filantropen (o.a. Belpaire en graaf Oscar Legrelle) een geschikte eet-, rust- en slaapplaats creëren.
In 1898 werd de S.A. Werkmanswelzijn opgericht. Aan pater Reyn, Aalmoezenier van de arbeid, werd gevraagd om de opvang te organiseren.
Los van de persoonlijke contacten – met Belpaire – speelde ook het bijzondere engagement van deze pater. Hij was sterk geraakt door de encycliek Rerum Novarum en reageerde daarom uitermate positief op een oproep van Mgr. Doutreloux, sociaal bewogen bisschop van Luik. Reyn richtte in Seraing in 1894 een aparte congregatie op “les Aumôniers du Travail”, specifiek voor arbeiderszorg: met pensions, plaatsingsbureaus, missies, beroepsscholen, ziekenzorg en verenigingswerk.

In 1900 was het gebouw aan de Antwerpse Londenstraat klaar, midden in het toenmalige havengebied. Neergezet in neogotische stijl zoals het hoorde volgens de katholieke cultuur van die tijd. En de Aalmoezeniers zouden er grondig werk leveren! In de traditie van het ontluikende (katholieke) verenigingsleven hadden ze meteen oog voor een breder aanbod om de arbeiders aan zich te binden: een combinatie van zorg en ontspanning.
Volgens pater Reyn, in een verslag van 1903, bezochten tussen de vier en de vijfhonderd dokwerkers, schippers en havenarbeiders het restaurant. Ze konden in het Werkmanswelzijn de Gazet van Antwerpen lezen en er was een toneelkring die ruimte kreeg in een feestzaal. Er was ook een turnkring en een zangkoor, want de kerkdiensten moesten worden begeleid!

Het succes was groot. En dus kwam er snel reactie van de concurrentie! Schuin tegenover het Werkmanswelzijn, richtte het liberaal-socialistisch stadsbestuur in 1909 de "Schuilplaats voor werklieden" op. Het architectonische antwoord was even pompeus, het aanbod iets scherper. De havenarbeiders konden hier tegen geringere kost een kwalitatievere maaltijd krijgen, zich wassen, hun kleren drogen.
Het bleek een rake klap te zijn voor de Aalmoezeniers. Wel bleef één van de zijtakken (letterlijk in een aanpalend gebouw) overeind m.n. de coöperatieve "het Beste Brood". Dat was uiteindelijk meer dan een volksbakkerij, want het werd ook een maatschappij van onderlinge bijstand, een ziekenfonds "Onze Ziekenkas" en een pensioenfonds "Volkswelvaren". En als sluitstuk… een bank "de Spaar- en Handelskas".
Het "Werkmanswelzijn" ging dan blijkbaar wel ten onder aan de concurrentie, maar herpakte zich prominent als vakschool met een bijzonder stevige reputatie. Dat was eigenlijk al eerder een plan. Op het Congres van de Katholieke Werken in 1902 gaf Reyn een voordracht “Werkmanswelzijn en de Aalmoezeniers van de Arbeid”. Hij vroeg daarbij middelen om een dergelijke school te starten. De aalmoezeniers hadden ervaring met dit soort scholen vanuit hun oorspronkelijk actiegebied in Wallonië (vakschool in Seraing in 1894).

De Antwerpse school werd een groot succes, waardoor de oorspronkelijke gebouwen steeds weer dienden te worden heringericht. Kapel werd atelier, feestzaal werd kapel, kapel werd werkruimte…
Het huidige gebouw is daarom een bijzondere illustratie van katholiek aanpassingsvermogen en technisch onderwijshistorie: opleidingen mechanica, scheepsbouw, elektriciteit, houtbewerking, horlogerieopleiding, diamantbewerking enz.

En de oorspronkelijke gerichtheid op zorg? Het is vast geen toeval dat in de huidige gebouwen ook nog een opleiding in het maatschappelijk werk (graduaatsopleiding in het kader van het volwassenenonderwijs) huist.

Deze tekst werd geschreven door Wim Verzelen
Datum van eerste publicatie: 04-2013
Datum van laatste wijziging: 04-2013

Publicatiedatum: 29-02-2016
Datum laatste wijziging :00-00-0000
Auteur(s): Wim Verzelen,
Extra De eetzaal van het stedelijk gebouw ’Schuilplaats voor werklieden’, had belerende spreuken tegen de muur: "De Verstandelijke ontwikkeling der Arbeiders leidt tot hunne Stoffelijke Verbetering", "Doe het Goede om der wille van het Goede", "Denkende Arbeiders drinken niet" en "Doe nooit aan den Arbeider wat gij niet wilt dat u geschiede!".
Literatuur
Links
eerste   vorige   homepage   volgende   laatste