Marga Klompé
Gerard Reve geeft Klompé in 1969 een spraakmakende kus
Werkloze horecamedewerker Bennie Beck kan niet worden verplicht tot schoffelarbeid
Volkskrant, 4 maart 2009: Werkloze moet elke baan accepteren
1950 - nu: Televisie en computer
1965 Marga Klompé en de Bijstandswet
Van genade naar recht
eerste   vorige   volgende   laatste

Vier jaar na het ontstaan in 1952 werd op het ministerie van Maatschappelijk Werk - hoe kan het anders - de eerste vrouwelijke minister van Nederland benoemd: KVP-politica Marga Klompé. Vanaf 1956 bleef zij - met een paar korte onderbrekingen - minister van Maatschappelijk Werk en later Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk tot 1971. Onder haar leiding ontsteeg het maatschappelijk werk en het vormingswerk de geur van liefdadigheid en professionaliseerde het tot een eigenstandige, steeds meer gesubsidieerde werksoort met verbindingen naar de wetenschap (andragogiek).
In de eerste jaren was het ministerie niet vel meer dan een kasplantje, niet goed wetend welke organisatievorm zij moest aannemen en wat nu precies de juiste verhouding was tot het particulier initiatief. Aan wetgeving werd weinig gedaan. Marga Klompé bracht daar met vaste hand verandering in. Haar uitgangspunt was dat het maatschappelijk werk een cruciaal sociaal culturele aanvulling vormde voor de krachtige economisch-industriële ontwikkeling die Nederland doormaakte. Het ging Klompé vooral om het vergroten van de zelfredzaamheid van burgers, de ontplooiing van creativiteit en permanente educatie. Zij zag de samenleving als een maakbaar organisme en meende dat het maatschappelijk werk daarin een vooraanstaande taak had.
Klompé geloofde heilig in het particulier initiatief en sluisde er steeds grotere bedragen aan subsidie naar toe. Nooit honderd procent, want dat zou het particulier initiatief alleen maar passief maken. Zij vond echter wel dat de overheid resoluut moest ingrijpen, als dat initiatief faalde. Een goed voorbeeld daarvan is haar Wet op de bejaardenoorden uit 1963, die beoogde een einde te maken aan de vaak mensonterende toestanden in particuliere tehuizen. Onder het kabinet-De Quay (1959-1963) leverde Klompé haar belangrijkste wetgevende prestatie: de in 1963 aangenomen en in 1965 ingevoerde Algemene Bijstandswet.

Deze wet haalde de bijstand uit de sfeer van de caritas en vormde een keerpunt in de sociale geschiedenis van Nederland. In al die eeuwen armenzorg had de ondersteuning altijd het karakter van een vernedering gehad. De Bijstandswet veranderde dat radicaal. 'Van genade naar recht', zo typeerde Klompé het zelf.
Dat heeft een groot emancipatoir effect gehad. De wet beschermde niet alleen tegen armoede, maar maakte het mogelijk dat bijvoorbeeld vrouwen konden scheiden, omdat ze financieel onafhankelijk konden worden van hun man. Zo ontstond een geheel nieuwe groep; de bijstandsmoeders. Maar ook psychiatrische patiënten, dak- en thuislozen konden nadat ze in de goot terecht waren gekomen via de bijstand weer de weg omhoog zoeken.

Midden jaren tachtig telde Nederland bijna een miljoen bijstandstrekkers, aanmerkelijk meer dan door Klompé ooit was voorzien. De wet vormde niet alleen een laatste vangnet, maar voor een fors aantal mensen ook een permanente verblijfplaats. Sindsdien is er een niet aflatende poging ondernomen om dat te veranderen. In 2003 werd de Bijstandswet vervangen door de Wet Werk en Bijstand (bijnaam: Wet Water en Brood) die als voornaamste doel heeft om mensen weer aan het werk te krijgen. Bij een nieuwe bijstandsuitkering krijgt men een verplicht re-integratietraject cadeau. Het aantal bijstandstrekkers loopt sindsdien gestaag terug, terwijl de armoede zeker niet afneemt.
Overigens was het lange tijd zo dat de sociale dienst wel maatwerk moest leveren.De werkloze bijstandstrekker hoefde niet elke baan aan te nemen. Zo verordonneerde in 2008 de rechter de sociale dienst van de gemeente Arnhem die de 44-jarige werkloze horecamedewerker Bennie Beck wilde verplichten tot schoffelarbeid. Dat vond de rechter niet passend. Dat was reden voor minister Donner uit het kabinet-Balkenende IV om het begrip 'passende arbeid' nagenoeg te schrappen. Vanaf 1 juli 2009 is de werkloze na een jaar verplicht elke baan te accepteren. Zou Marga Klompé zich in haar graf hebben omgedraaid?


Verder studeren
  • Maarten van der Linde (2008), Basisboek geschiedenis Sociaal Werk in Nederland. Amsterdam: SWP. Hoofdstuk 10.
Literatuur
  • Ido de Haan en Jan Willem Duyvendak (redactie) (2002), In het hart van de verzorgingsstaat. Het Ministerie van Maatschappelijk Werk en zijn opvolgers (CRM, WVC, VWS), 1952-2002 Zutphen: Walburg Pers.
  • Ineke Jungschleger en Claar Bierlaagh (1990), Een gedreven politica haar tijd vooruit. Utrecht/Antwerpen: Veen, uitgevers.
  • Michel van der Plas (red.) (1989), , Herinneringen aan Marga Klompé Schoten: ARBOR.
Aanvullend materiaal
Links
Studieopdrachten Klik hier om de studieopdrachten te bekijken
eerste   vorige   volgende   laatste